Categorie archief: mode

Herfstwoontrend (4): I see faces

Over maskers. En handen.

Zijn het zo eenzame tijden dat we graag gezichten in huis hebben? Personages die deel uitmaken van ons leven, maar toch ook niet? Is het klassieke geschilderde portret stilaan vervangen door het een  variant in drie dimensies? In elk geval, ik zag veel gezichten de afgelopen weken. Op expo’s, maar ook in campagnebeelden van interkeurmerken. Mijn favorieten.

De maskers van Walter

Dé tentoonstelling van dit najaar is voor mij tot nu toe Powermask van modeontwerper Walter Van Beirendonck in het Wereldmuseum in Rotterdam. Inspirerend door de schitterende scenografie die hedendaagse kunst, mode en design samenbrengt met exotische, rituele en soms eeuwenoude maskers.  De expo loopt nog tot 7 januari, en er bestaat ook een al even inspirerend boek, mét de tentoonstellingsschetsen van Van Beirendonck.

Met open mond

Deze zomer kwam ik in Frankrijk deze vogelnestjes van de Brusselse artiest Eric Croes tegen. 

Ik bleef zijn werk volgen. Deze nieuwe geglazuurde vogelnestkastjes hieronder vind ik geweldig.

eric croes
eric croes

Schuursponsvrolijkheid

Designlabel Hay heeft niet alleen een reeks maskers om aan de muur te hangen, maar ook deze heerlijke schuursponsjes (vanaf 5 euro). Instant happiness toch?

Antimodernisme uit Denemarken

Werelberoemd in Denemarken, maar nu ook vlotter bij ons beschikbaar: het werk van Bjorn Wiinblad. Deze cache-pots bijvoorbeeld kenmerken ’s mans hyperdecoratieve stijl.

Handgemaakt

Ik zag personages à volonté in het atelier van Hilde Segers van Circaterra Céramique  in de Franse Pyreneeën. “Ik maak al lang schalen met personen, maar mensen blijven erdoor gefascineerd. Een ziel in huis, dat spreekt aan, zeggen ze.”

Hilde Segers, circaterra céramique

Ook hand gemaakt

Deze handen vormen een fruitschaal, van Harry Allen, te koop bij Domus Plus in Roeselare.

Domus PLus

Hands up

Dat ontwerper Jaime Hayon fan is van mannekes in zijn werk is geen nieuws, hij tekent ze overal op. Deze vaasjes voor BD Barcelona stralen zijn joie de vivre helemaal uit. Ik interviewde hem maar één keer, jaaaaaaaren geleden (11 jaar om precies te zijn) voor Knack Weekend en toen zei hij dit:

“Mijn rule number one is dat ik iets wil maken dat ik zelf graag zie. Ik kan niet liegen tegen mezelf. Ik zie ontwerpers die zeggen : “Onze taak is de industrie in stand te houden.” Zo denk ik dus niet : ik ben hier om gelukkig te zijn in wat ik doe. Niet om het probleem van anderen op te lossen. Ik wil kwaliteit en ik wil mijn dromen waarmaken. Mensen schreeuwen om nieuwe dingen, dingen die persoonlijkheid hebben en die een tijd meegaan.

Op uw 23ste werkte u al bij Fabrica, de creatieve communicatiedenktank van Benetton. U stond er vrij snel aan het hoofd van het departement design. Is dat geen contrast met…

(onderbreekt) Toen was ik mezelf niet. Ik leerde veel van fotograaf Oliviero Toscani. Hij heeft mijn derde oog geopend om dingen te zien. Maar ik verkoos om de positieve kant van het leven te zien. Hij toont de slechte realiteiten van de wereld. De gelukkigste en tegelijk de meest trieste dag van je leven, is de dag dat je beseft dat de wereld niet is zoals je dacht dat hij was. Dan krijg je een klap in je gezicht. En die klappen wil Toscani uitdelen. Maar ik wil mij niet in negativisme wentelen. (Brult in de cassetterecorder) : Ik wil vooral plezier hebben in wat ik doe.”

Hij zwoer toen nooit een Ikea-stoel te ontwerpen (wat hij tot dusver niet deed), en hij droomde luidop van een luxueuze rolstoel. (Ook voorzover ik weet nog niet gerealiseerd). Zijn vrolijkheid bleef.

Bd Barcelona

Novembre voor 1 november

Gufram (van de cactus) presenteerde deze limited edition versie van de schedelzetel Jolly Roger van Fabio November, een ode aan Mexico en diens traditie om op El Día de Los Muertos (1 november dus) de doden te eren. Handbeschilderd.

Gufram

Sculptuur achter de toog

Het was de mama van eigenaar en interieurarchitect Sam Peeters, Anny Dierckx, die dit sculptuur maakte dat in het gloednieuwe Antwerpse hotel Pilar achter de toog naar elke bezoeker kijkt.

Pilar

Guilty pleasure

Hierom vind ik Instagram en het wereldwijde web écht geweldig: er bestaat #iseefaces.

En ik volg @Shitgardens, ook een guilty pleasure.

Herfstbedenking

Over pepermolens en andere specerijen.

Ik moest twee keer kijken toen ik onderstaand beeld in mijn mailbox kreeg. Een hightech luidspreker van Sonos staat als een archeologische  vondst gepresenteerd tussen een reeks pepermolens. Wat hebben een luidspreker en pepermolens in hemelsnaam met elkaar te maken? (ja, ja  RHCP fans, ik hoor jullie)

Sonos luidspreker

Waarom? Waarom?  Waarom? Ik besloot niet te bellen naar Sonos, maar te proberen gissen waarom een art director deze setting koos. En ik kan wel enkele redenen opsommen.

Het pepermolenrek staat symbool voor allerlei zaken die op dit moment populair zijn in de interieursector:

  • Natuurlijke materialen? check (ook al lijkt het bij nader bekijken om ge-airbrushte molens te gaan, die misschien zelfs van karton kunnen zijn?)
  • Eenvoudige archetypische geometrische vormen in een soort van totem zoals de Memphis-stijl maar anders? check.
  • Link naar lekker eten? check.
  • Een verzameling curiositeiten gepresenteerd als in een wunderkammer? check.

Ik begon op pepermolens te letten. Op archeologische vondsten, typisch voor eerste beschavingen.  En ik vond ze zonder ver zoeken in hedendaagse interieurs en catalogi van populaire meubelmerken. Of wat dacht u van deze vijzel voor specerijen van het online merk Hem, geïnspireerd op een eeuwenoude molensteen en uit vier specifieke marmers uitgevoerd.

Pepermolen, maar dan anders, van Mark Braun voor Hem

Ook archetypisch is deze onderstaande vaas van het Franse merk Moustache, altijd goed voor een statement piece. De looks van terracotta, maar daar stopt het ook, want het gaat om geglazuurd keramiek. U krijgt zeven vazen voor de prijs van één (750 euro, wel). Hieronder gepresenteerd met een paar takken amarant, als ik Wikipedia mag geloven, een belangrijke voedingsbron voor zowel Inca’s als Azteken. En op dezelfde Wikipediapagina: een speciale soort van de amarant is ondertussen lekker bestand tegen glysofaat. Oersterk.

vaas van Jean-Baptise Fastrez voor Moustache

Onderstaande pepermolen van Ferm Living is “bruikbaar voor verschillende gedroogde kruiden”. Good to know.

Pepermolen van Ferm Living

Uiteraard blijven ook dé grote spelers niet achter: wie al eens graag een oerkruik in huis heeft, kan rekenen op Ikea. In de collectie Ypperlig ( een samenwerking met het Deense merk Hay die sinds enkele weken te koop is bij Ikea), vind je deze steengoedvazen, handbeschilderd bovendien.

De kruik van Hay en Ikea

Dé verklaring heb ik niet voor de populariteit van archetypische gebruiksvoorwerpen. Misschien is het een strategie van ons onderbewustzijn?  Dat kiest in overdaad aan voorwerpen voor wat het kent. Uit geschiedenisboeken, uit collectief verleden, uit de eerste beschavingen.

Misschien is het conflictvermijding? Ik geloof dat het in tijden van teveel ongevraagde meningen en ingewikkelde woonvormen slim kan lijken om voor een soort van grootste gemene deler te kiezen. Ikea onderzocht frustraties in huis en kwam tot de vaststelling dat bijna 1 op de 3 Belgen spullen van huisgenoten haat. “Rommel in huis is met ruime voorsprong de meest voorkomende frustratie. Toch vormt een gebrek aan opbergruimte niet het grootste probleem, maar wel of het om spullen van jezelf dan wel om die van huisgenoten gaat. Bijna 1 op de 3 Belgen haat het te moeten leven met bepaalde spullen van een huisgenoot (29%).” aldus het rapport.

Zijn deze eerder primitieve vormen dan gewoon veiligheid? Is het dan slim om te kiezen voor iets herkenbaar en universeel? Non-cultureel eerder dan multicultureel? Uit de vroegste beschavingen, toen de mens uit noodzaak gebruiksvoorwerpen bedacht. Toen peper nog peperduur was.  Genderneutraal bovendien?  Oef.

Of niet?  Eigenlijk is teveel generische witte producten design, hoe luxueus ook, eerder gevaarlijk. Vooral thuis. Want thuis, dat blijkt uit talloze onderzoeken, moet vooral de plek zijn waar je je veilig en geborgen moet voelen, of je huisgenoten dat nu leuk vinden of niet. Het begin van empathie en samenleven is dat.

Immers:  uit hetzelfde onderzoek van Ikea blijkt dat maar liefst de helft van de Belgen persoonlijke spullen verstopt voor huisgenoten, en dat vooral omdat ze denken dat de ander de waarde ervan niet kan inschatten (39%), omdat ze bang zijn dat huisgenoten het voorwerp kapot zullen maken (34%) of omdat ze zich ervoor schamen (32%). Die echte wunderkammer met objecten vol betekenis, denkt u daar even aan wanneer u aan het kerstshoppen gaat voor anderen?

 

 

Picture Perfect (1) : De mosterdgele sofa

 

Sebastian Herkner sofa voor Linteloo © Sigurd Kranendonk

Mosterdgeel. Er valt  op deze foto van een nieuwe sofa van de Nederlandse fabrikant Linteloo niet naast kijken. De kleur van een broodje hotdog, maar ook van een chique cocktailjurk met bijhorende handschoenen. In sé redelijk retro, en toch doet deze sofa behoorlijk contemporain aan. Hoe dan?

Dankzij zijn onderkant.

Modulaire sofa’s zijn sinds jaar en dag opgebouwd zoals een veredelde Duplo-set. Met een aantal basisvormen kunt u dan “helemaal uw eigen sofa samen stellen”. Ik neem er de technische fiche bij. Dit bijvoorbeeld is een 2,5 seater 1 arm left   (de fabrikant zit niet zelf in de zetel als hij linker of rechterkant bepaalt)  vastgeklikt aan een longchair right. En hop, een hoeksofa is geboren. Er bestaat ook een versie die minder diep is (undeep, heet dat dan officieel). Nu moet u weten dat er bij sofa’s van deze hoogte (430 mm om precies te zijn)  meestal wordt gekozen uit twee pistes: ofwel staan de modules handig op  slim gepositioneerde pootjes, meestal zo onzichtbaar mogelijk. Ofwel is de onderkant opgebouwd uit comfortabele kubussen.

Hier in deze foto (scroll gerust even naar boven) krijgt u visueel het beste van twee werelden. De onderkant is helemaal open wanneer u er voor staat, en gesloten voor wie van achter of opzij kijkt.  Een extreem dun frame in vooraanzicht, maar stoer in zij- en achteraanzicht. Ideaal voor Instagram.

De onderkant is bovendien zoals een boxspringbed bekleed met stof. Een klassieke grijze tweed.   En ook dat is niet toevallig. Dat levendige grijze textiel doet -althans visueel- denken aan beton en dat materiaal is en blijft immens populair. In simpel “natuur” versie of in de massa gekleurd. Vooral accessoires worden dikwijls uit beton gemaakt. Ook terrazzo (ooit een goedkoop cementmengsel met stukjes marmer of andere steenoverschot) is extreem populair in hedendaagse woningen en op Instagram (#terrazzo maar eens: 98 245 posts op dit moment) . Niet alleen als bouwmateriaal, maar ook als lampen. En zelfs compleet fake als print op behang, tote-bag of zelfs telefoon- en laptopcovers. Wie wil er nu met een terrazzo-tegel tegen het oor rondlopen? Bon, ik wijk af.

Een sofa, die moet er best wat comfortabel uitzien en dat wordt hier benadrukt met over de leuning geplooide kussens. Het idee van  die plooikussens werd populair sinds Vico Magistretti zijn Maralunga bedacht in de jaren zeventig, waarbij die leuning rechtopstaand of liggend kan toegepast worden.

Een rond tapijt uit glansfluweel brengt wat luxe én nonchalance in het verder vrij eenvoudige, Japans aandoende huis.  De immergroene bamboe aan het raam en diens perfect vallende schaduw brengt de natuur naar binnen, een populaire wens anno 2017. Maar de getrapte salontafel (ook een ontwerp van de Duitser Sebastian Herkner, die de sofa tekende) had ik in dit beeld toch wat dichterbij gezet, kwestie van net iets gemakkelijker aan de olijven te kunnen die hier picture perfect bij zouden passen.

Ik heb de sofa vorige maand uitgetest in Milaan in de showroom van Linteloo. Vijf minuutjes. Zonder cocktail. Hij stond er vooral in de kleuren beige, grijs, crème en taupe.


In de reeks Picture Perfect? zoom ik deze zomer elke week  in op een nagelnieuw interieurbeeld. Gespot in een meubelcatalogus, op een website, een Instagram-pagina, een magazine of boek.  

In een andere reeks No Pictures Please, bundel ik deze zomer dan weer tekstverhalen over interieur en design, wonen en architectuur. Zonder één enkel beeld. 

Lentewoontrend (6): Ruitjes

Handgetekend, oldschool of zelfs in 3D: ruitjes zijn heerlijke motieven voor servies, behangpapier, tapijten of decoratieve objecten. Simpel en herkenbaar. Nostalgisch én geometrisch.

 

Habitat lanceert deze vier bamboo borden, 12 euro voor 4, www.habitat.co.uk

Homework behangpapier van Mini Moderns, in de Pale Verdigris kleur of simple grijs, 76 euro per rol, www.minimoderns.com

Colour Check: Fysiskt Prov (Nils Pedersen)

Ternslev tapijt van Ikea, 250cm op 250 cm, 1489 euro, www.ikea.be

Kunstenaar Terry Powell, ondertussen overleden, maakte graag kunstwerken uit kippengaas. Serax brengt ze nu opnieuw uit, in serie. Hier een opgesloten theepot, 118 euro, www.serax.com

Haard met tegels van D-tile.

Een deel van dit artikel verscheen eerder in Knack Weekend

Lentewoontrend (5): artistieke kleurvlakken

Ik zag daarnet dit beeld in de mannenspecial van Knack Weekend van deze week. Woontrends en modetrends durven al eens vlak bij elkaar te liggen.

Dries Van Noten SS17

Bijna abstracte kunst, een beetje camouflage en vooral veel kleur: de nieuwe kleurvlakken in huis zijn ietwat grillig, wild en onvoorspelbaar. Niet alleen of software als textiel, maar ook in hardware zoals servies. Spelen maar. De trendmeester hier? Het Franse label Moustache.

Canova, Constance Guisset voor Moustache
Happy bord, van Maarten Baas, Sergio Herman en Cor Unum, veel spannender dan de Sergio Herman servies bij Serax.
Clutch als minilandschap, bij House Doctor
Ferm Living
Habitat
Silkscreen tapijt van Les graphiquants, voor Moustache, 80 % zijde, 20 % wol

 

Zara Home
nog meer Moustache

Woontrend: Woonjuweeltjes

Wabi Sabi, authentiek, eenvoudig, warm, natuurlijk. Het zijn dé trendwoorden van de voorbije tien jaar in de designwereld. Dat zal ook wel nog een tijdje zo blijven.  Maar parallel duiken rijkelijke, elegante en chique materialen weer op.

Zo zien we naast de harige fluweeltrend (hieronder) ook sierlijke woonjuwelen. Messing is al een tijdje populair, vooral in de verlichting. Maar ook op minder evidente plekken duiken gouden en andere (edel)metaalafwerkingen op. De eerder nuchtere Scandinaven en Noord-Europeanen (ook voorlopers in de natuurlijke trend) hebben dat alvast snel begrepen.

Zelfs sisalvezels worden in goud afgewerkt op behang van het Belgische Arte.

Arte

Zo stelt String een all metal versie van hun gekende rexisten voor, tijdens de vakbeurs Maison & Objet dat vrijdag de deuren opent.

String

 

Muuto bracht onlangs haar Dots kapstokken uit in metallic afwerking.

Muuto

En Normann Copenhagen pase haar Krenit bowls aan.

Normann copenhagen

Montana brengt de Wire van Verner Panton uit in goudkleur.

 

Montana

En Gebrüder Thonet stelt ook eind deze week deze heerlijke barkrukken uit met wat grote oorringen lijken.  Niet over struikelen aan de toog.

Cirque van Gebruder Thonet

Wie de art-deco trend helemaal ziet komen: ook H&M Home en Zara Home hebben alvast gouden details in de voorjaarscollecties

H&M Home
Zara Home

 

mijn fluweeltrendartikel in Knack Weekend, december 2017

De toekomst van de kamerplant

Weg met die vrouwentongen: de kamerplant van de toekomst is mannelijk en behoeft water noch potgrond. Wat maakt dat u écht geen excuus meer heeft om ze nog om zeep te helpen.

Het is met kamerplanten als met schoot- hondjes: het zijn gedomesticeerde wilden. En u doet er goed aan ze regelmatig van water te voorzien. Dat ook, ja. Al is dat laatste niet eens meer een struikelblok voor het huiskamergroen van de toekomst. Tenminste als u voor een mosmuur kiest. Sinds Marieke en Jan Vos van Nature & Aquarium Design Antwerp die aanbieden, valt de vraag amper bij te houden. “De mossen worden op duurzame wijze geoogst en met glycerine bewerkt”, leggen ze uit. “Zo blijven ze jarenlang zacht en groen, én vragen ze amper bewatering of daglicht. Ze kunnen net zo goed in een donkere ruimte geplaatst worden, en het vocht dat ze nodig hebben, halen ze gewoon uit de lucht.” Handig voor al wie enige zelfredzaamheid van zij n kamerplanten verwacht. “Het is een ideaal stukje groen voor jonge gezinnen die toch de natuur in huis willen halen, maar geen tijd hebben voor nazorg.Je kan voor een muur kiezen, maar een lijst met mos staat net zo mooi aan het plafond of zelfs in het toilet.” Een kleinste kamer-plant, zo u wilt.“De grotere muren zijn dan weer erg in trek voor kantoren of wachtruimtes. Groen heeft een rustgevend effect maar helpt ook de productiviteit verhogen. Zo’n wand kan geheel op maat gemaakt worden: we kunnen er tekst in verwerken en je kan kiezen tussen verschillende mossoorten en dertig kleuren. Voor een sterrenrestaurant in Lommel ontwikkelen we nu bijvoorbeeld een muur en plafond in zwart mos ter verbetering van de akoestiek.”

 

Ruimtekruid

‘Yes, there are other life forms in space!’ tweette astronaut Scott Kelly half januari vanuit een baan om de aarde. Het International Space Station was er voor het eerst in geslaagd een zinnia te laten bloeien in de ruimte. De oranje, eetbare bloem die familie van de aster is, maakte deel uit van het Veggie Station, enkele stekkussentjes die afgelopen november in het ruimtestation geïnstal- leerd werden. Zo wil NASA onderzoeken hoe planten groeien in een gewichtloze omgeving. Tuinieren in de ruimte belooft nog knap lastig te worden. De planten deden het

bij een eerdere poging ook helemaal niet goed. Kelly vond het vooral een kwestie van buikgevoel. “Als we naar Mars gaan en daar planten telen, moeten wij beslissen wanneer die water nodig hebben. Ik denk dat we het best aanpakken zoals ik mijn achtertuin aanpak: gewoon naar buiten kijken en bedenken ‘misschien moet het gras vandaag maar eens water geven’.

Bodemloos

‘Potgrond is de basis van alles’, weten we sinds de film Alles Moet Weg. Alleen gaat dat vandaag niet noodza- kelijk meer op. Neem bijvoorbeeld de ‘luchtplanten’ of tillandsia’s. De spinachtige planten uit de bromeliafamilie zijn niet alleen zeer decoratief maar halen hun voedingstoffen zowel als hun water gewoon uit de lucht. Geen wonder dat ze weer aan een opmars bezig zijn.

“Daarnaast heb je ook nog in-vitroplanten”, vertelt Marieke Vos. “Hun wortels steken in een soort gel en worden opgekweekt in een schimmel-, algen- en kiemvrije omgeving. Zo krijg je supersterke en gezonde planten die daarna nog altijd in de grond of in aquaria overgeplaatst kunnen worden. Die gelkorrels leng je aan met water, plaats je even in de microgolfoven en klaar.”

Maar Vos ziet vooral een gouden toekomst voor aquaponic-toepassingen binnenshuis. Gesloten ecosystemen waar zoetwatervissen in een aquarium en de planten erbovenop elkaar in stand houden. Bemesten hoeft niet, want dat doen de vissen wel. Het water filteren hoeft evenmin, want daarvoor zorgen de planten. “Je combineert de kweek van verse kruiden, groenten of planten met de schoonheid van een aquarium.”

Vroeger was hydrocultuur – zij het aquaponics dan wel andere manieren van kweken zonder grond – een zaak van de professionele tuinbouwer. Vandaag winnen de technieken terrein bij particulieren.
“Van simpele smart pots met een waterreservoir tot de gigantische FishPlant, die een vierkoppig gezin van verse kruiden en vis kan voorzien.” Momenteel primeert het gadgetgehalte of designwaarde nog op de werkelijke oogst, maar Vos ziet in hydroponics
dé manier om toch binnenshuis groenten te telen
in de stad. “Het hele jaar door en helemaal compu- tergestuurd. Ik voorspel dat elke nieuwe keuken in 2026 al uitgerust zal zijn met een hydro-eenheid met ledverlichting. Gewoon tussen de stoomoven en de microgolfoven. Om zo het hele jaar door van kruiden verzekerd te zijn. Ook al omdat we steeds meer gaan letten op kwaliteit, transport en verpakking van ons voedsel. Restaurants zie ik ook niet achterblijven: naast de wijnkelder komt gewoon een kruidenserre.”

Mannen, maten, miniboompjes

Het VLAM, het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing, beaamt Vos’ theorie. “Ook binnen de sierteelt wordt multifunctioneel denken de norm. Zoals tuinkruiden die ook ter decoratie dienen. Denk maar aan salie, daslook of Oost-Indische kers.”

Maar net zo goed merkt het VLAM de opkomst van ‘binnenbomen’ op. Of beter: de comeback. En Pieter Toebaert, projectmanager van de Gentse Floraliën, weet waarom de olifantspoten, geldbomen, kamerlindes en drakenbloedbomen weer scoren. “Mannelijkheid! Ze zijn groot, rustgevend en lucht- zuiverend. Ze geven je het betere bosgevoel, maar dan binnenshuis. Mannen zijn een onderschatte consumentengroep, en zoeken naar kamerplanten met een twist. Ze mogen karakter en persoonlijkheid hebben. Het is ook die nieuwe generatie DIY-mannen die zelf bijvoorbeeld een hangende binnentuin ineen knutselen.”

Al hoeft het niet altijd maxi te zijn. Mini kan ook best. Kleine landschapjes van enkele vierkante centi- meters bijvoorbeeld, die een levend stilleven vormen en gepresenteerd worden in glazen bokalen. En zelfs Ikea waagt zich tegenwoordig aan de eeuwenoude bonsaitraditie.

Tegenwoordig kunt u daar zelfs de leviterende variant van aanschaffen: enkele Japanners haalden recent nog via Kickstarter een half miljoen euro op voor hun zwevende bonsais. Hun filmpje met fragiele, haast magische planten ging de wereld rond. Opgelet: klanten krijgen enkel de basismodule. Planten moet u zelf doen. Vos heeft er zo haar vragen bij. “Dit soort levitatiepanelen is al enige tijd in trek. Je kan er om het even welk object mee laten zweven boven een magnetisch krachtveld. Een waanzinnige blikvanger en een gegarandeerde rage. Maar nefast voor een bonsai. Het boompje draait onophoudelijk om zijn as, wat desastreus is omdat de sapstromen dan naar de buitenkant geduwd worden en niet naar de top van de boom. Geen goed idee dus. Bonsai zijn zo al de meest gevoelige boompjes. Hoe de bomen kunnen worden begoten is ook nog maar de vraag. Hopelijk beseft men dat de boompjes zeer intensieve zorg nodig hebben en geen tijdelijk hebbeding zijn.”

“Er gebeurt zoveel innovatiefs met groen op dit moment”, gaat Toebaert verder. “Er wordt vandaag verwoed gezocht naar plantengadgets voor de woonkamer.” Zo is er Plant-e, een jong Nederlands bedrijf dat kamerplanten op de markt brengt die in staat zijn om energie op te wekken.” In beperkte mate weliswaar. Denk aan de citroen of aardappel die mits de nodige elektroden een lampje kon doen branden in de les fysica. Uw droogkast op sanseveriastroom laten draaien, is niet bepaald voor morgen.

Dit artikel verscheen eerder in Ché (+) van februari 2016

ché
ché
ché
ché

Decoratietrend update: gespikkeld

Een té strak interieur is saai. De oplossing? Spetters en spikkels op het verder minimalistische object.

Half februari gespot tijdens een lunch:  de gloednieuwe kleur Dotted Blue op het legendarische Teema servies van Iittala. Die borden, kommen, bekers werden in de jaren vijftig ontworpen en bestonden enkel in monochrome kleuren, omdat “kleur meer dan genoeg decoratie is,” aldus de ontwerper. Nu werd er aan het glazuur toch titaniumoxide toegevoegd die voor dit spetter-effect zorgen.

Habitat

En in de catalogus van Habitat: dit nog heviger gespikkeld servies:

 

 

 

Magis
Magis

Handbespikkeld zijn deze krukjes en tafel van de ietwat contraire ontwerper Jerszy Seymour. Getuige daarvan de naam van deze collectie: Bureau for the Study of Vivid Blue Every-Colour Inhabitations of the Planet, the Transformation of Reality, and a Multitude of Happy Endings, voor Magis. Voorlopig is er nog geen verkoopprijs bekend,

Hem
Hem

Splatter, kruk uit metaal van Max Lamb, online te bestellen via Hem, 249 euro.

Normann Copenhagen
Normann Copenhagen

Schaar uit de Daily Fiction subcollectie van Normann Copenhagen, 40 euro, of In België te koop bij woonwinkel La Fabrika in Brussel of bij Espoo in Antwerpen.

Ikea
Ikea

“In de 18de eeuw was schilderen met spatten een betaalbare manier om je eigen behangpapier te maken. Het is het soort motief dat even goed op zijn plaats is in een eigentijds interieur als in een meer traditionele look”, zegt designer Maria Vinka van Ikea. Hier Sällskap stoffen en handdoeken.

Ferm Living

Ferm Living

Servetjes met plekjes, 5 euro, bij Ferm Living

Hay

Hay

Terrazzo potlood van Hay, 2 euro.

Habitat
Ovenschotel van Habitat

Ovenschotel bij Habitat

Een deel van dit artikel verscheen eerder in Knack Weekend.