Categorie archief: kunst

Lentewoontrend (5): artistieke kleurvlakken

Ik zag daarnet dit beeld in de mannenspecial van Knack Weekend van deze week. Woontrends en modetrends durven al eens vlak bij elkaar te liggen.

Dries Van Noten SS17

Bijna abstracte kunst, een beetje camouflage en vooral veel kleur: de nieuwe kleurvlakken in huis zijn ietwat grillig, wild en onvoorspelbaar. Niet alleen of software als textiel, maar ook in hardware zoals servies. Spelen maar. De trendmeester hier? Het Franse label Moustache.

Canova, Constance Guisset voor Moustache
Happy bord, van Maarten Baas, Sergio Herman en Cor Unum, veel spannender dan de Sergio Herman servies bij Serax.
Clutch als minilandschap, bij House Doctor
Ferm Living
Habitat
Silkscreen tapijt van Les graphiquants, voor Moustache, 80 % zijde, 20 % wol

 

Zara Home
nog meer Moustache

Biennale Interieur (7) : Wat pijnlijk is om afgebroken te zien te worden

Biennale Interieur beloofde op voorhand om beleving voorop te zetten. En geen  “productcatalogus” te zijn. Daarom ging ik de beurs enkele keren rond. Op zoek naar die beleving. Wat deed mij lachen? Wat deed mij nadenken? Wat ontroerde? Waar voelde ik me meest thuis? Wat gaat zelfs een klein beetje pijn doen als het zondagavond afgebroken zal worden?

Een show, dat is ook altijd de functie van een beurs. Een event waar je bij wil geweest zijn, dat je met eigen ogen gezien wil hebben. Enkele standhouders overtroffen zichzelf en toonden op een prachtige manier waar ze toe in staat zijn.

  1. Allaert aluminium

allaert-x-studio-dessuant-bone-perpetual-motion-2

voor een video: klik hier: studio-dessuant-bone-allaert-aluminium-2

Een van dé blikvangers van de beurs is de stand van Allaert aluminium. Zij vroegen de Parijse studio Dessuant Bone om aan de slag te gaan met hun aluminium profielen. Perpetual motion heet hun bewegende installatie.met roze en transparante deuren en ramen. Een … euh … straf staaltje vakmanschap.

2. Green mood

Green Mood ©Piet Albert Goethals
Green Mood ©Piet Albert Goethals

Ik ben fan van mosmuren. Daar worden gestabiliseerde mossen en andere planten (planten die in een soort coma gebracht worden) gebruikt om op muren landschappen te maken. Green mood uit Brussel werd in 2014 opgericht en somt als haar hoofdingrediënten korst- en veenmossen op, varens en het ietwat vage “wilde planten”. Een wild effect werd in elk geval gecreëerd in de kokerstand die de eveneens Brusselse ontwerper Alain Gilles uitstekende. Simpel en duidelijk.

3. De keukens  

screen-shot-2016-10-22-at-11-02-23

Een beurs is natuurlijk geen woning, maar de woonkamer die het West-Vlaamse Obumex installeerde op een hoekstand in hal 6, daar zou ik gerust tien dagen kunnen geïnstalleerd zitten. Een kook- en werkzone in natuursteen, met tafel ernaast en prachtige vintage stoeltjes van Pierre Jeanneret uit de jaren vijftig. Hopelijk krijgt alvast de keuken ergens een tweede leven? Hetzelfde geldt overigens voor de andere keukens op de beurs zoals die van PJ Mares en Bulthaup.

4. Greenhouse van Jonathan Muecke

jonathan Muecke ©Piet Albert Goethals
jonathan Muecke ©Piet Albert Goethals

“Is het een paviljoen? Is het een bank? Is het een podium?” David Van Severen vond ook geen woorden om het Green House van de Amerikaanse kunstenaar en architect Jonathan Muecke  aan de Zuidelijke ingang van Kortrijk Xpo te omschrijven. Met eronder grote houten eiken banken.  Zélf omschrijft de architect het zo: “The Green House was developed as an exterior’s interior or interior’s exterior – understanding that both an interior and an exterior are always present – that it is the proximity and presence of the objects that determine their distinction. The ‘Interior’ was developed by isolating and then lowering the overhead plane and extending it outwards in all directions.” De banken verhuizen naar de galerie in Brussel, het paviljoen zelf verdwijnt helaas.

Lees hier wat mij ontroerde, hier wat mij vrolijk maakte en hier wat mij deed nadenken.

Biennale Interieur loopt nog tot zondag 23 oktober in Kortrijk Xpo en de stad.

Biennale Interieur (6): Wat mij ontroerde.

Biennale Interieur beloofde op voorhand om beleving voorop te zetten. En geen  “productcatalogus” te zijn. Daarom ging ik de beurs enkele keren rond. Op zoek naar die beleving. Wat deed mij lachen? Wat deed mij nadenken? Wat ontroerde? Waar voelde ik me meest thuis? Wat gaat zelfs een klein beetje pijn doen als het zondagavond afgebroken zal worden?

Ontroering. Het is zeldzaam dat ik in een expohal, met veel indrukken, geuren, kleuren en lawaai heel even helemaal stil word. En toch.

  1. Oak bench van de jonge Thelonious Goupil

screen-shot-2016-10-21-at-12-48-33

Een eik die in twee gezaagd wordt, is een perfecte bank. Simpel. Arte povera.

 

2. Een gebroken hart

Philipp Käffer
Philipp Käfer op the German Wall

The GermanWall, dat waren een rist Berlijnse designers die erg dichtbij elkaar gepresenteerd stonden. Ontroeren deed deze wandlamp. Straf, vooral in combinatie met de bijhorende tekst. “Starting from the idea that something has to be destroyed to shape something new. The initial material and form were split into pieces, and rearranged to form a product with a new function or appearance. The Broken Heart lamp for instance consists of reflectors that split a circular light. From one perspective the viewer sees a heart, but when changing position, it breaks into bits of reflected light.”

3. Paddenstoelen

screen-shot-2016-10-21-at-12-53-29
Bar Terra ©anmichiels

De cateringpunten op de Biennale worden sinds enkele edities bedacht door hedendaagse ontwerpers die daarvoor moeten meedoen met de Biennale Awards wedstrijd. Deze Bar Terrra was een van de vijf winnaars. Bedacht door Carolien Pasmans, Bram Aerts en Claudio Saccucci van Trans Architeectuur en Stedenbouw Gent, draaide deze bar rond paddenstoelen. Ze lieten enkele dagen op zich wachten, maar ergens halfweg de beurs stonden de paddenstoelen ineens in volle getale te pronken. “they are alive!” instagramde An Michiels (een van de Biennale medewerkers) bij deze foto. Hoe een natuurfenomeen zo spannend kan zijn.

4. De werkbank van opa

Pinscher
Pinscher

Opvallend hoe professioneel de standen van de jonge ontwerpers zijn, in de hallen herkenbaar door de zilveren lappen stof die verticaal boven de jongerenafdeling hangen. Mooi was het eerbetoon van Stijn d’Hondt die naast de tafels in uitzonderlijke materialen, die hij op de markt brengt onder de naam Pinscher, ook de werkbank van zijn grootvader plaatste. Een stofjas draagt en opa’s bril in de bovenzak houdt.

Lees hier wat mij vrolijk maakte en hier wat mij deed nadenken. Coming up next: wat pijn zal doen als het afgebroken wordt en wat u misschien over het hoofd heeft gezien.

Biennale Interieur loopt nog tot en met zondag in Kortrijk Xpo en in de stad.

Biennale Interieur (4): Wat mij deed nadenken

Biennale Interieur beloofde op voorhand om beleving voorop te zetten. En geen  “productcatalogus” te zijn. Daarom ging ik de beurs enkele keren rond. Op zoek naar die beleving. Wat deed mij lachen? Wat deed mij nadenken? Wat ontroerde? Waar voelde ik me meest thuis? Wat gaat zelfs een klein beetje pijn doen als het zondagavond afgebroken zal worden?

Ik begin met de ratio.

 

Wat deed mij nadenken op Biennale Interieur? 

  1. The Anthropocene Style van Philippe Rahm in een zilveren box
Philippe Rahm ©Frederik Vercruysse
Philippe Rahm ©Frederik Vercruysse

Curatoren Office Kersten Geers David Van Severen nodigden internationale gasten uit om een van de zilveren boxen in te richten en rond het thema Interiors een installatie te maken. Philippe Rahm is expert in binnenklimaten en bekijkt zijn werk van daaruit. In de catalogus van Interieur schrijft hij bijvoorbeeld: “if the white and minimum neutrality of the Modernist style has enjoyed succes without stop today, it is because the essential and original mission of the decorative interior design was lost after the invention of central heating in the late 19th century, the invention of of electric lighting in the first half of of the 20th century and the invention of air conditioning in the middle of the 20th century. the invention and implementation of heating, ventilation, lighting, were a hundred times more effective than a curtain or a candle. The decorative art of the past was a set of ways to improve the thermal comfort of the cold and dark interiors of old buildings.” Vanuit dit soort bedenkingen stelt Rahm op Biennale Interieur zeven decoratieve kunstobjecten voor voor deze tijd (waarin we rekening moeten houden met slinkende energievoorraden en broeikasgasuitstoten); Hij ontwierp deze objecten specifiek voor ons soort klimaat om het interieur comfort te verbeteren. Hij baseerde zich op fysica: zo ligt er het laag-effusiviteitstapijt met beton en polyurethaan vlakken. Wanneer de temperatuur 20 °C is, dan voelt het betonnen vierkantje aan als 22°C en dat ernaast uit polyurethaan als 29°C. Verder staat er een high soort tennisscheidsrechter-stoel die wil profiteren van het stijgen van de warmte, hangt er een spiegelwand en staat er een paravent die warmte terugkaatsen… Verhelderend voor een niet-fysicus en erg nuttig in een setting van een beurs waar ook betonnen tafels, flink wat marmeren objecten, grote glasramen, akoestische panelen en indrukwekkende lichtinstallaties gebouwd zijn.

2. Studio Basil op 19 oktober op Future Archive 

Future Archive ©Frederik Vercruysse
Future Archive ©Frederik Vercruysse

De stand van Future Archive, opgebouwd met grote archiefrekken, werd gevuld door creatief bureau Baroness O.  met hun favoriete internationale objecten en aangevuld met gloednieuwe stuks van exposanten op de beurs. Elke dag nodigden zij een andere ontwerper of creatieveling in dat archief uit om met de objecten te werken. Op 19 oktober was dat Studio Basil. terwijl flink wat archiefgasten decoratief of grafisch te werk gingen, startten zei vanuit een simpele vraag: Wat is dit object waard voor u? Ze maakten stickertjes met boodschappen als “Give it to me, yeah” of “sure, i’ll take it” of “this is now”; Die kon een bezoeker dan op de in plastic verpakte objecten plakken. En op de vraag: hoeveel wil je ervoor betalen kon je “loads”, “little” of “normal” kleven. Een fijn onderzoek. Waar willen beursbezoekers eigenlijk veel voor betalen? En waar weinig? Wat vinden zij actueel en wat oubollig? Keuren en commentaar geven doe je sowieso als beursbezoeker. Het is verfrissend dat ook eens echt luidop te kunnen doen. Ik wacht de opgetelde resultaten met nieuwsgierigheid af.

3. Design retail Summit op 17 oktober

screen-shot-2016-10-21-at-11-30-03
hoodvragen van de summit ©layout Joris Kritis

Eerlijk? Ik vind het een van de spannendste vragen van het moment: hoe zullen wij meubels in de toekomst kopen? Ik schreef er een tekst over in de catalogus van de Biennale (wie er eentje koopt, krijgt er gratis een fles Omer bij, hopla). Ik vind het spannend omdat ik zie hoe vrienden zich niet naar de woonboulevards begeven, maar zich voor interieurinspiratie op het internet storten: Pinterest, Instagram, webshops, ze kennen veel beter de weg dan ik. Meubelmerken maken makkelijk en snel leverbare flatpacksofa’s voor de stadsmens die geen zin heeft om weken te achten of een verhuislift te huren. Er ontstaat ongerustheid dat onze interieurs er binnenkort generisch uit zullen zien, omdat we ons allemaal op dezelfde online bronnen baseren. Ik vind het zo spannend dat ik verbaasd was dat een bondig minicongres met drie toonaangevende sprekers niet de grote massa trok. Maar de sprekers Jo Caudron, Tobias Lutz en Ewald Damen stelden dan weer niet teleur. Uiteraard hebben zij ook geen pasklare antwoorden op de vele vragen, maar ze gaven wél inspirerende voorbeelden, tactieken en reflecties mee. Afwezigen, u had ongelijk.

Lees hier wat mij ontroerde en hier wat mij vrolijk maakte.

 

Biennale Interieur loopt nog tot en met zondag in Kortrijk Xpo en in de stad.

Trend: hergebruik chic

Opvallend veel gespot deze zomer: gerecycleerde ramen en deuren. Hier mijn favorieten.

Gedeurfd, een gevel in Gent

Dit artistiek buurtproject in de Bloemekeswijk in Gent werd net voor de zomer afgewerkt. Flink wat deuren hebben een fantastisch verhaal (kijk hier). De initiatiefnemers kregen steun van verffabrikant Boss Paints.

Gedeurfd
Gedeurfd

De stadsboerderij in Wilrijk

Deze foto’s doen me veel zin krijgen om nog voor het einde van de zomer eens langs te fietsen in de Antwerpse stadsboerderij. De boerderij van Lizette werd aangepakt door de ontwerpers achter De Klopperij (zij richtten ook Bar Gloed in de A-Tower in Antwerpen in)

boerderij van Lizette
boerderij van Lizette
boerderij van Lizette
boerderij van Lizette
boerderij van Lizette
boerderij van Lizette

 Bar Paniek in Antwerpen

Bar Paniek (beeld: lofficiel.nl)
Bar Paniek (beeld: lofficiel.nl)

Het is een topplek aan een Antwerps dok, deze tijdelijke bar. De ramen dienen als beschutting tegen weer en wind, maar geven tegelijkertijd een hedendaags veranda-gevoel. Met een balkonnetje zelfs.

Bar Paniek
Bar Paniek

Modeboetiek Enes in Antwerpen

Deze modewinkel verhuisde van de Lombardenvest in Antwerpen naar de Volkstraat. Decorateur Gert Voorjans richtte het ietwat excentrieke herenhuis (vroeger van Eddy Jambers) opnieuw in. Ondermeer met deze gerecycleerde deuren uit het vorige winkelpand.

Enes (foto Frederik Vercruysse)
Enes (foto Frederik Vercruysse)

The original

Dit principe van assemblage zag ik voor het eerst bij Verbeke Foundation in Kemzeke. Daar bouwde Jason van der Woude dit Glass House jaren geleden al. Of neen, het principe zag ik voor het eerst in de tuintjes van moestuiniers, in hun zelfgemaakte serres. Of in zelfgeconstrueerde veranda’s en koterijen. Vlaamse plantrekkers en artiesten, ze lijken soms meer op elkaar dan ze zelf willen weten.

Jason Van derr Woude / Verbeke Foundation
Jason Van der Woude / Verbeke Foundation

Woontips: Green Grass of Home

Een weelderige jungle rond een lamp, een mosmuur of een onderwatertuin? De nieuwe generatie groen is niet alleen mooi, maar ook verrassend makkelijk te onderhouden. Daarom vindt ze zelfs in de meest plant-onvriendelijke kamers van het huis een geschikt plekje.

Dat bloemen en planten decoratief zijn, bewijzen de talloze Pinterestfoto’s van zonnige interieurs vol plafondhoge kamerplanten. Pas nog verscheen ook het nieuwe boek ‘Greenterior. Plant loving creatives and their homes’ door fotograaf Bart Kiggen en journaliste Magali Elali van de interieurblog Coffeeklatch. Zij vatten het samen in hun voorwoord: “Ondanks de verstedelijking zien we een nieuwe, groene revolutie. Planten zijn hot.” En ze verklaren meteen ook waarom: “Het is de emotionele verbondenheid die de plantenliefde zo bijzonder maakt… Als je goed bent voor je planten, zijn ze goed voor jou.”

Het is iets wat ook Marieke en Jan Vos, van de winkel Nature and Aquarium Design Antwerp (Nada) weten.
“Wij zijn erg geïnspireerd door hoe Japanners met groen omgaan, de eerder dit jaar overleden Takashi Amano, bijvoorbeeld. Hij was natuurfotograaf en begon op een bepaald moment zijn landschapsfoto’s met planten, stenen en takken na te bootsen in een aquarium. ‘To know nature is to love her smallest creations’, is zijn credo. Wij houden van de wabi-sabi filosofie, waarbij men zich beroept op de schoonheid van de chaos in de natuur. Bij ons primeert het esthetische en artistieke. Je kunt de natuur niet sturen. Alleen begeleiden en helpen. Zelfs op een kleine plek, met weinig licht en een klein budget kun je van de natuur genieten.” Nada specialiseerde zich in atypische groenoplossingen die niet vallen onder de noemer ‘kamerplant in pot’. Klanten komen voor grote aquaria of kleine decoraties voor in de woonkamer, maar ook met vragen voor minder evidente ruimtes en kamers in huis. Ondertussen weten Jan en Marieke perfect welke groenoplossingen ideaal zijn voor kamers die te klein, te donker, te vochtig of te droog zijn voor traditionele kamerplanten. Lees hier hun tips voor vijf moeilijke kamers.

DE SLAAPKAMER

Het probleem: in een slaapkamer draait alles om frisse lucht. Daarom zetten veel mensen er overdag de ramen open. Maar dat zorgt voor temperatuurschommelingen en tocht.

Screen Shot 2016-08-17 at 21.16.14

De oplossing van Nada: “Ideaal voor
kleine slaapkamers zijn hangplanten en luchtzuiverende planten. Die produceren ’s nachts en overdag zuurstof, waardoor je beter slaapt. Bovendien zijn hangplanten minder gevoelig voor wind of tocht, en bestaan er verschillende sterke soorten, zoals Philodendron oxycardium of kleinbladige Hedera helix, die je in prachtige hangelementen kunt plaatsen, als een echte eye-catcher. Ideaal voor de slaapkamer zijn ook luchtzuiverende planten die goed in de halfschaduw gedijen, zoals de Krulvaren (Nephrolepis), de stokpalm (Rhapis excelsa), rubberplanten of gekende klassiekers als de lepelplant (Spathiphyllum) en fel overhangende graslelie (Chlorophytum).”

DE KEUKEN

Het probleem: veel meer dan vroeger is de keuken een volwaardige leefruimte. Ze is in de eerste plaats natuurlijk praktisch en functioneel ingericht, maar daarnaast is de hedendaagse keuken ook sfeervol, kleurrijk en warm. Al staan kamerplanten vlakbij een fornuis of afwasbak eigenlijk gewoon in de weg.

Screen Shot 2016-08-17 at 21.16.38

De oplossing van Nada: “De Brio Aquaponics Unit is een superstrakke versie van het traditionele Aquaponics-systeem: een combinatie van een aquarium met vissen en een groente- of plantenbak. In zo’n gesloten systeem gebruiken de planten de mest van de vissen als voedingsstof, en zuiveren de wortels van de planten het water voor de vissen. Deze kleine hypermoderne versie is mooi als je het aquarium natuurlijk inricht en opvult met kleurrijke siervisjes. In deze unit groeien het hele jaar door verse kruiden. Handig bij het koken.”

DE WERKRUIMTE

Het probleem: geen enkel! Je bureau is immers een plek waar je je goed moet kunnen concentreren, en uit onderzoek blijkt dat mensen net efficiënter werken als ze de kleur groen in hun gezichtsveld hebben.

Screen Shot 2016-08-17 at 21.16.46
De oplossing van Nada: “Hier zouden we een ‘Nature Style’ aquarium durven voor te stellen, met garnaaltjes, een scholenvis of – waarom niet? – kwallen. Met de huidige technologie en de vele beschikbare materialen is het veel makkelijker geworden om een mooi onderwaterlandschap te creëren. Het aanbod onderhoudsvriendelijke waterplanten is ook veel groter geworden. Het geeft een fijn en rustgevend gevoel om zo’n zelfgemaakte natuurlijke creatie in de buurt te hebben. Voor mensen zonder groene vingers hebben we de ‘Cube planter’ van Bosske. Dat is een mooie designpot die het waterpeil voor de planten zélf regelt.”

DE BADKAMER

Het probleem: veel badkamers zijn vrij klein en hebben te weinig plaats om grote kamerplanten op de vloer of op een krukje te plaatsen. Bovendien is de luchtvochtigheid in die afgesloten ruimte heel hoog.

Screen Shot 2016-08-17 at 21.16.31

De oplossing van Nada: “Hier passen airplants of Tillandsia, afkomstig uit de Midden-Amerikaanse berg- en woestijnstreken. Het bijzondere aan deze planten is dat hun wortels geen aarde of water nodig hebben, omdat ze het vocht uit de lucht opslaan in hun bloemen. Ze af en toe eens verstuiven of regelmatig een kort badje geven volstaat al. Omdat ze niet veel wegen, kun je ze ook makkelijk ophangen, bijvoorbeeld in simpele glazen bollen die je tegenwoordig in heel veel winkels kunt kopen (foto hiernaast). Als je die bollen op verschillende hoogtes hangt en combineert met bijvoorbeeld Bromelia’s, krijg je een prachtig effect.”

DE GANG

Het probleem: de gang is vaak smal en te donker voor traditionele kamerplanten. Toch is het een ruimte waar je dikwijls langskomt en die dus best wat decoratie kan gebruiken.

Screen Shot 2016-08-17 at 21.16.23

De oplossing van Nada: “Een mosmuur of moslijst aan de muur. Die neemt niet meer plaats in dan een schilderij, en de lijst kan in om het even welke vorm worden gemaakt. Vervolgens kun je hem laten beplanten met verschillende soorten of kleuren van gestabiliseerde mossen. De mossen worden op duurzame wijze geoogst en met glycerine bewerkt, zodat ze jarenlang groen en zacht blijven. Daardoor vragen ze amper bewatering en daglicht. Ze halen het vocht dat ze nodig hebben zelf uit de lucht. Een lijst met mos is ook mooi aan het plafond of zelfs in het toilet.”

Dit artikel verscheen in het januarinummer van Feeling Wonen : Gaël Maison (en français) en in Eigen Huis & Interieur 

Decoratietrend update: gespikkeld

Een té strak interieur is saai. De oplossing? Spetters en spikkels op het verder minimalistische object.

Half februari gespot tijdens een lunch:  de gloednieuwe kleur Dotted Blue op het legendarische Teema servies van Iittala. Die borden, kommen, bekers werden in de jaren vijftig ontworpen en bestonden enkel in monochrome kleuren, omdat “kleur meer dan genoeg decoratie is,” aldus de ontwerper. Nu werd er aan het glazuur toch titaniumoxide toegevoegd die voor dit spetter-effect zorgen.

Habitat

En in de catalogus van Habitat: dit nog heviger gespikkeld servies:

 

 

 

Magis
Magis

Handbespikkeld zijn deze krukjes en tafel van de ietwat contraire ontwerper Jerszy Seymour. Getuige daarvan de naam van deze collectie: Bureau for the Study of Vivid Blue Every-Colour Inhabitations of the Planet, the Transformation of Reality, and a Multitude of Happy Endings, voor Magis. Voorlopig is er nog geen verkoopprijs bekend,

Hem
Hem

Splatter, kruk uit metaal van Max Lamb, online te bestellen via Hem, 249 euro.

Normann Copenhagen
Normann Copenhagen

Schaar uit de Daily Fiction subcollectie van Normann Copenhagen, 40 euro, of In België te koop bij woonwinkel La Fabrika in Brussel of bij Espoo in Antwerpen.

Ikea
Ikea

“In de 18de eeuw was schilderen met spatten een betaalbare manier om je eigen behangpapier te maken. Het is het soort motief dat even goed op zijn plaats is in een eigentijds interieur als in een meer traditionele look”, zegt designer Maria Vinka van Ikea. Hier Sällskap stoffen en handdoeken.

Ferm Living

Ferm Living

Servetjes met plekjes, 5 euro, bij Ferm Living

Hay

Hay

Terrazzo potlood van Hay, 2 euro.

Habitat
Ovenschotel van Habitat

Ovenschotel bij Habitat

Een deel van dit artikel verscheen eerder in Knack Weekend.

 

Vroege zomer in Antwerpen

Op enkele weken tijd de spagaat tonen van het hedendaags Belgische designscene, daarvoor moet je op één plek zijn: Galerie Valerie Traan in Antwerpen.

Eerst, in mei, zag ik er de tentoonstelling van Unfold, het duo Claire Warnier en Dries Verbruggen. Zij zijn tijdsreizigers eersteklas: meesters in het erkennen en toepassen van ambachtelijke technieken in combinatie met nieuwe technologie van 3D printen (waarbij een object laagje per laagje wordt opgebouwd door kunststof met een laser uit poeder of in vloeibare vorm aan elkaar vast te branden). Voorbeelden? Ze laten glasblazers glas blazen rond cilinders die 3D-geprint zijn. Of ze maken van de stelling die tijdelijk gemaakt wordt wanneer zo’n 3D geprint object een metalen afgietsel.  Eveneens spectaculair: het geurende maanlandschap dat ze samen met een parfumeur bedachten.

IMG_8925

Ik volg Unfold al jaren en was bijzonder blij dat ze in eigen stad een solo-expo kregen. Waarom ik hun werk zo interessant vind? Omdat zij het vak van designer breed zien: ze halen uit de wereld van technologie, van wetenschap, van ambacht net die aspecten eruit die nergens anders te vinden zijn. Meer nog dan iets anders zijn zij goede vertalers en communicators van wat er zich in die meestal hermetische werelden afspeelt. Dat doen ze op een esthetische, toegankelijke en verfrissende manier.

Een heel andere kant van de designwereld zag ik enkele weken later op dezelfde plek, in dezelfde galerie. Toen stond er het werk van  dat andere Belgische designkoppel Muller Van Severen. Zij toonden er wat zij noemen “studies”, materiaal experimenten met metaalgaas. schommelstoelen, kast-fauteuilcombinaties of ligbedden. Visueel sterk, uitgepuurd in materiaal en zeer sculpturaal, zoals gewoonlijk in hun werk.

Hun uitgangspunt was een zeer concrete vraag: ontwerp meubelen voor een vakantiehuis in Spanje. “Het is een fantastische plek, middenin een natuurgebied,” legden Hannes Van Severen en Fien Muller uit. “Het huis heeft een binnenplein en zwemvijver, waar we enkele ligobjecten bij bedachten. Alsof een matras of een vel papier opgekruld ligt te wachten om erin te gaan liggen. We houden ook van openheid en lichtheid. We besloten dus om dat schommelende dagbed niet uit te voeren in een zwaar massief materiaal zoals beton of hout, maar in een metalen gaas . Met hokjes van 2 x 2 cm, zodat je erdoorheen kunt kijken.”

Screen Shot 2016-07-07 at 20.25.01

“De ontdekking van gaas, voor ons een nieuw materiaal, gaf energie en inspireerde nog meer meubelen en objecten. Het zette ons aan om een geheel nieuwe wereld te maken. We gingen op zoek naar andere materialen en uiteraard ook naar andere kleurmogelijkheden. We houden er wel van dat deze meubels uit gaas nog door de gebruiker moeten aangekleed worden met plaids, dekens of schapenvellen. Er ging een nieuwe wereld voor ons open die we konden voorzien van landschappen en sculpturen. Zoals altijd gaat dat gepaard met flink wat hands-on experimenten. ”

“Je voelt de architectuur door deze objecten heen,” vertelden ze me eerder. “Door hun transparantie zijn ze evenveel aanwezig als afwezig. Ze dringen zich niet op. Tegelijkertijd zijn ze heel sculpturaal. Dit is een zoektocht van objecten in dezelfde materialen. Het is interessant om deze fase van het onderzoek te delen op zijn meest blote en fragiele moment.” De expo liep maar enkele weken, maar allicht krijgt u dit najaar een herkansing want de stukken zullen ook op andere plaatsen te zien zijn.

Screen Shot 2016-07-07 at 20.26.49

Oprichter Veerle Wenes zei in 2010, bij de opening van haar galerie in Knack Weekend dit : “De objecten in de galerie zijn kunstwerken gemaakt door mensen die zichzelf designer noemen of vice versa. Ik voel een verwantschap met deze authentieke denkers. Valerie Traan zal functioneren als een kunstgalerie : ik bestel nieuw werk bij ‘mijn designers’ en presenteer dat op vernissages en tentoonstellingen.” Bijna zes jaar later blijkt haar dat goed te zijn gelukt!

Valerie Traan, Reynderstraat 12, Antwerpen, heropent na de zomer weer de deuren.

Lente in Brussel 2

Dat ze met ons te doen heeft, mailde Beth Dunlop, de editor-in-chief van het New-Yorkse Modern Magazine. “I grieve for you and your country.  I vividly recall 9/11 — even though it was almost 15 years ago — and I know how long it will take for Belgium to heal.”

Het was 22 maart, maar al een paar dagen eerder had Beth een idee: of ik een artikel wil maken over enkele Belgische designgaleries die haar waren opgevallen. Of het ermee te maken had dat The New York Times de week daarvoor de vijf belangrijkste nieuwe designdealers voorstelde, waaronder twee Brusselse, weet ik niet.

Ik schrijf voor Modern Magazine over Belgische designers, vooral die designers die limited editions uitbrengen. Dus werd ik door haar naar Brussel gestuurd. Eerst ging ik op bezoek bij Amaryllis Jacobs. Zij richtte in 2014 samen met haar partner Kwinten Lavigne de galerie Maniera op. Ze werden snel opgepikt door de design-artbeurs Design Miami en toonden werk op Interieur 2014. Hun aanpak is vrij specifiek: ze vragen voornamelijk architecten om -soms voor het eerst – meubels te ontwerpen, die dan in beperkte oplage verkocht worden. Zo leverden Office Kersten Geers David Van Severen, Anne Holtrop en 6a Architecten al meubelen. En ook beeldende kunstenaar Richard Venlet, fotograaf Bas Princen en textielontwerper Christophe Hefti brachten al nieuwe objecten uit.

De Vylder Vinck Taillieu voor Maniera
De Vylder Vinck Taillieu voor Maniera

Nog tot 21 mei is op het gloednieuwe adres van Maniera (voorheen was hun showroom hun eigen woning) aan de blauwwitte vlaggen van Daniel Buren aan het Gerechtsplein een expo te zien waar zowel Studio Mumbai als architecten De Vylder Vinck Taillieu nieuw werk tonen. Ik zag er traditioneel Indisch vakmanschap met meubels gemaakt uit baksteentjes enerzijds en hedendaagse architecturale kleurrijke vorm- en materiaalexperimenten met in roze olie doordrenkte spaanplaten en metaaltape anderzijds. “Sculpturale en esthetische objecten, inderdaad,” vindt Amaryllis. Ik kijk nu al uit naar hun najaarsexpo’s: eentje op verplaatsing en eentje in hun galerie onder de gaanderijen van het betonnen kantoorachtige gebouw waarin ze gehuisvest zijn.

Studio Mumbai voor Maniera
Studio Mumbai voor Maniera

Een paar dagen later kwam ik opnieuw in een galerie onder een gaanderij terecht, bij Victor Hunt in Elsene. Ook die galerie verhuisde pas. (voorheen zaten ze vlakbij treinstation Brussel-Zuid). Oprichter en zaakvoerder Alexis Ryngaert interviewde ik in 2010, toen hij enkele maanden open was. Toen vertelde hij me dit:

“Victor Hunt is mijn branded identity. Mijn eigen naam en het woord ‘galerie’ wou ik er bewust niet in verwerken. Ik zocht naar een merknaam die blijft hangen en internationaal aanslaat. Ik noem mezelf ‘een designart dealer’, naar analogie met een drugsdealer die goed spul heeft. Ik heb nu stukken van Kwangho Lee, Big-Game, Raphael Charles, Johannes Hemann, Julien Carretero, Sylvain Willenz, Tomas Alonso, Jason Miller en Raw-Edges in huis. Continu ben ik op zoek naar nieuwe ontwerpers. Vroeg talent spotten is de boodschap. Kort nadat ik Johannes Hemann had binnengehaald, contacteerde Cappellini hem. En Julien Carretero is nu nog onbekend, maar binnen vijftien jaar staan musea te springen voor zijn stukken. Ik zoek naar meubilair met emotie, waar het berekende aspect wordt losgelaten. Conceptueel, referentieel of procesmatig design interesseert me enorm, omdat ik daar een emotie en vrijheid voel die functionaliteit overstijgt. Ik ben 27 jaar en het contact met ‘mijn’ ontwerpers is erg direct, omdat ik ongeveer even oud ben als zij. Als ik hun werk niet goed vind, dan zeg ik dat ook rechtuit. Ik móet en zál internationaal doorbreken. Als ik me op de Belgische designmarkt blijf blindstaren, zal ik altijd maar net break-even draaien. Mijn droom is niet op Design Basel / Miami te staan. Ik wil een evenement uit de grond stampen dat nog prestigieuzer en straffer is. De vintagemarkt interesseert me niet. Ik begrijp niet dat mensen in een interieur met meubels van vijftig tot honderd jaar oud willen leven. We zijn toch Hercule Poirot niet ? Ik wil in het nu leven. Mijn devies : gisteren was oké, vandaag is nog beter, maar morgen wordt fantastisch.”

Nu, een dikke vijf jaar later, is Victor Hunt een vaste waarde op Design Basel en Design Miami. En zijn ambitie en gedrevenheid is nog steeds even groot. Ik zag bij hem in Elsene afgelopen weekend een wervelende expo met de Storm Series van Johannes Heman en 10 years van Kwangho Lee (nog tot 28 mei). “Mijn expertise is zowel process based design als digital craft,” vat hij bondig samen. Ik leg het uitgebreider uit in het herfstnummer van Modern magazine.

Storm Series Johannes Heman voor Victor Hunt
Storm Series Johannes Heman voor Victor Hunt
Kwangho Lee voor Victor Hunt
Kwangho Lee voor Victor Hunt

En yes, verwacht ook van Victor Hunt straf nieuws in oktober, dan brengt hij een ongezien project naar buiten samen met een van zijn vaste ontwerpers.

En ja, zwel Amaryllis als Alexis voelen dat Brussel een klap gekregen heeft. Maar beiden zeggen ze hetzelfde: “Brussel is de ideale plek voor wat we doen.”

Lente in Brussel 1

01c BRAVOURE, Filip Dujardin, 'memorial I’
01c BRAVOURE, Filip Dujardin, ‘memorial I’

Omdat onze hoofdstad wat volk in haar straten kan gebruiken, probeer ik deze maand veel naar daar te gaan. Ik startte de maand in het Atelier Vlaamse Bouwmeester in de Ravensteingaanderij waar een persconferentie werd gehouden van het Vlaams Architectuur Instituut.

Eind deze maand stuurt Vlaanderen immers haar architecten naar Venetië. Daar wordt dan de vijftiende internationale Architectuurbiënnale plechtig geopend. Elk land met een paviljoen vaardigt een  bureau of team af (in ons land dus afwisselend uit een ander landsdeel). Het Vlaams Architectuur Instituut selecteerde na een uitgebreide procedure het team Bravoure, met daarin De vylder vinck tallieu architecten, doorzon interieurarchitecten en fotograaf Filip Dujardin. Die zullen dertien architecturale ingrepen tonen. Door een foto van het project, een computerbewerkte foto waar een bepaalde ingreep letterlijk uitgelicht wordt, én een derde luik is een interpretatie van die architecturale element door fotograaf Dujardin die er een fictief gebouw mee bouwt. Een beetje surrealistisch, waarom ook niet?

Screen Shot 2016-05-11 at 20.53.02
drieluik van Bravoure

Een andere manier om als bureau op de Biennale je werk te tonen is door uitgenodigd te worden door de curator van de Biennale, in dit geval Chileen Alejandro Aravena *. Die eer is deze keer weggelegd voor twee bureaus: het Brusselse bureau 51N4E mag het pas gerealiseerde (maar al jarenlang lopende) project TID toren in Tirana in Albanië voorstellen.

Tid Toren van 51N4E

Het eveneens Brussels bureau Org. zal dan weer een betonnen element op ware grootte tonen van de Foodmet in Anderlecht op de kaai aan het Arsenale. “Als een monument van een open samenleving,” aldus Wim Peeters van Org.

foodmet aan L’ Abattoir in Brussel
Screen Shot 2016-05-11 at 20.38.59
schets van de installatie van .org in Venetie

Blijft nu mijn dilemma tegen het einde van de week: afzakken naar Venetië of niet? De Biennale loopt nog tot in november dus ik kan eigenlijk nog wel een tijdje twijfelen.

 

* Alejandro Aravena, de curator van deze Architectuurbiennale en opvolger van Rem Koolhaas in 2014, werd begin dit jaar ook al gelauwerd werd met de Pritzker Prijs. Dat hij die niet eerder kreeg, had vermoedelijk te maken dat hij zes jaar lang in de jury van die prijs had gezeteld. Een interview dat ik in 2009 met Aravena deed, vind je hier.